Citaat | Hoge Raad 9 oktober 2009

Alinea 51 Hoge Raad 9 oktober 2009

Een alinea uit Hoge Raad 9 oktober 2009, ECLI:NL:HR:2009:BC9544.

Uitgaande van de veronderstelling dat de richtlijngever in hoofdstuk XVIBIS van de Zesde richtlijn een regeling heeft willen treffen die voor de betrokken belastingplichtigen praktisch uitvoerbaar is, zou de conclusie kunnen zijn dat de vrijstelling bedoeld in artikel 28 quater, A, aanhef en letter a, van de Zesde richtlijn (zonder meer) van toepassing is op de levering van goederen door een belastingplichtige (de verkoper) aan een andere, in een andere lidstaat gevestigde belastingplichtige (de koper), waarbij deze zijn btw-identificatienummer in die andere lidstaat aan de verkoper opgeeft met het oog op de verzending of het vervoer van de goederen naar die andere lidstaat, en waarbij die goederen inderdaad worden overgebracht naar die andere lidstaat.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/bd8c20216c7a353478890c63521b20ed6b42c12839fdf0a4c8758e20a93a9c4d. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt bd8c20216c7a353478890c63521b20ed6b42c12839fdf0a4c8758e20a93a9c4d, en de alinea staat in dat document op bytes 21542 tot 22319.