Citaat | Hoge Raad 27 november 2009

Alinea 145 Hoge Raad 27 november 2009

Een alinea uit Hoge Raad 27 november 2009, ECLI:NL:HR:2009:BH2162.

4.10.2 Een eventuele aansprakelijkheid van een uitgevende instelling voor misleidende mededelingen in het prospectus dient - wat betreft de periode waarin de beursintroductie van World Online plaatsvond - beoordeeld te worden aan de hand van de algemene regeling voor misleidende reclame in art. 6:194 (oud) BW. In deze bepaling is richtlijn 84/450/EEG betreffende misleidende reclame geïmplementeerd, zodat deze richtlijn, ook indien deze als zodanig niet van toepassing is op prospectusaansprakelijkheid, naar Nederlands recht via (richtlijnconforme uitleg van) art. 6:194 de prospectusaansprakelijkheid mede bepaalt. Noch deze richtlijn, noch art. 6:194 (oud) maakt onderscheid naar gelang degene tot wie de misleidende reclame zich richt al dan niet beroepsmatig handelt. Voorts is van belang dat de aansprakelijkheid voor misleidende reclame een ruimer bereik heeft dan prospectusaansprakelijkheid, doordat art. 6:194 ook betrekking heeft op misleidende mededelingen buiten het prospectus om (zie hierna onder E).

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/ba1ac5bd42c0ad74738ce7301661a5e99fcfeb67a1008cd16c65a537480a3a66. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt ba1ac5bd42c0ad74738ce7301661a5e99fcfeb67a1008cd16c65a537480a3a66, en de alinea staat in dat document op bytes 55831 tot 56864.