Citaat | Hoge Raad 21 april 2009

Alinea 29 Hoge Raad 21 april 2009

Een alinea uit Hoge Raad 21 april 2009, ECLI:NL:HR:2009:BH2684.

Gelet op de omvang en professionaliteit van de inrichtingen, had verdachte mede daarin aanleiding moeten zien nadere informatie bij de bevoegde instanties in te winnen. Verdachte die tot 1980 eigenaar is geweest van een detailhandel in speelgoed en in het bezit is geweest van drie speelgoedzaken en nadien tot 1997 een pannenkoekenhuis heeft geëxploiteerd moet zich er van bewust geweest zijn dat de kans aanmerkelijk was dat met betrekking tot deze inrichtingen een vergunningsplicht dan wel een meldingsplicht bestond. Verdachte rept zelf van een uit de hand gelopen hobby en dit onderstreept het vorenstaande eens temeer. Door dit niet nader te onderzoeken bij de bevoegde instanties heeft verdachte willens en wetens het aanmerkelijke risico aanvaard dat hij in strijd met een vergunning of meldingsplicht handelde. In zoverre heeft verdachte ook opzet gehad."

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/e283f7024e97f86d31ad9e1cb7f43b1d73ff510f34687d467f4996b7fc2b05eb. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt e283f7024e97f86d31ad9e1cb7f43b1d73ff510f34687d467f4996b7fc2b05eb, en de alinea staat in dat document op bytes 12298 tot 13177.