Citaat | Hoge Raad 5 juni 2009

Alinea 37 Hoge Raad 5 juni 2009

Een alinea uit Hoge Raad 5 juni 2009, ECLI:NL:HR:2009:BH2811.

(i) [B] en zijn echtgenote hebben op 28 maart 1998 een door hen ingevuld aanvraagformulier voor zes aandelenlease-overeenkomsten van het type 'Het Levob Hefboomeffect' aan Levob toegezonden. [B] had dat formulier met een folder (hierna: de folder) van zes pagina's over dat type overeenkomst op zijn verzoek per post van Levob ontvangen. Na ontvangst van het ingevulde aanvraagformulier heeft Levob zes schriftelijke, door Levob reeds ondertekende, overeenkomsten (hierna: de overeenkomsten) alsmede een vouwblad met 'algemene voorwaarden Het Levob Hefboomeffect' (hierna: de algemene voorwaarden) aan [B] toegezonden, welke overeenkomsten [B] op 7 april 1998 heeft ondertekend en aan Levob geretourneerd. Eerst toen Levob de geretourneerde overeenkomsten ontving, kwamen de overeenkomsten tot stand (in de zin van art. 6:217 lid 1 BW).

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/bd93fdff8fd20656d9fd68229c106814478d9d7b181bd21a7883424ec26b805f. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt bd93fdff8fd20656d9fd68229c106814478d9d7b181bd21a7883424ec26b805f, en de alinea staat in dat document op bytes 10636 tot 11485.