Citaat | Hoge Raad 5 juni 2009
Alinea 77 Hoge Raad 5 juni 2009
Een alinea uit Hoge Raad 5 juni 2009, ECLI:NL:HR:2009:BH2811.
4.4.10 Onderdeel 1 van het middel in het principale beroep behelst naar de kern genomen de klacht dat het oordeel van het hof (in rov. 4.5) dat [B] staande kan houden dat zijn dwaling kan zijn ingegeven door de in de folder vervatte inlichtingen van Levob onjuist, althans ontoereikend gemotiveerd is. De klacht faalt. Het hof heeft, zonder blijk te geven van een onjuiste rechtsopvatting en voldoende gemotiveerd, met de rechtbank, kunnen oordelen dat de inhoud van de folder bij [B] een onjuiste voorstelling van zaken kan hebben gewekt. Maar vervolgens heeft het hof geoordeeld dat [B] die onjuiste voorstelling niet, gelijk hij had kunnen en behoren te doen, heeft gecorrigeerd op grond van de inhoud van de schriftelijke overeenkomsten, en daaraan de gevolgtrekking verbonden dat - zoals Levob had bepleit - het beroep van [B] op dwaling niet opgaat.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/bd93fdff8fd20656d9fd68229c106814478d9d7b181bd21a7883424ec26b805f. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt bd93fdff8fd20656d9fd68229c106814478d9d7b181bd21a7883424ec26b805f, en de alinea staat in dat document op bytes 30150 tot 31018.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/bd93fdff8fd20656d9fd68229c106814478d9d7b181bd21a7883424ec26b805f | shasum -a 256