Citaat | Hoge Raad 7 juli 2009

Alinea 71 Hoge Raad 7 juli 2009

Een alinea uit Hoge Raad 7 juli 2009, ECLI:NL:HR:2009:BI3938.

"Voorts heeft de raadsvrouw met betrekking tot het in zaak B onder 1 tenlastegelegde onder meer aangevoerd dat de verklaring die medeverdachte [medeverdachte 1] op 14 juli 2005 (omstreeks 11:45 uur) heeft afgelegd van het bewijs dient te worden uitgesloten aangezien medeverdachte [medeverdachte 1] niet in een door hem begrijpelijke taal is gehoord.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/032fa1cdf7d658a9a9298bcb8633a192db2c898326197006bbc1950adb88b597. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 032fa1cdf7d658a9a9298bcb8633a192db2c898326197006bbc1950adb88b597, en de alinea staat in dat document op bytes 16391 tot 16754.