Citaat | Hoge Raad 19 juni 2009
Alinea 24 Hoge Raad 19 juni 2009
Een alinea uit Hoge Raad 19 juni 2009, ECLI:NL:HR:2009:BI8563.
3.4.3. Ten aanzien van de werking van artikel 19 van het Verdrag moet verder worden vastgesteld dat de emigratie van belanghebbende zonder de genoemde fictie tot gevolg heeft dat alle inkomsten die uit pensioenaanspraken voortvloeien, zowel pensioenen als soortgelijke beloningen, op grond van dit artikel uitsluitend belastbaar zullen zijn in zijn woonland, Korea. Een fictie op grond waarvan de waarde van de opgebouwde pensioenrechten als loon in de Nederlandse heffing wordt betrokken op een ondeelbaar moment voorafgaand aan de emigratie, komt onder die omstandigheden in strijd met de goede trouw die bij de uitleg en toepassing van het Verdrag in acht dient te worden genomen (vgl. HR 5 september 2003, nr. 37657, BNB 2003/380). Daaraan kan niet afdoen dat belanghebbende op het moment waarop de Wet het belastbare feit fingeerde nog in Nederland woonde. Nu de toewijzing van de heffingsbevoegdheid op basis van artikel 19 van het Verdrag onmiddellijk daarna van toepassing werd, wordt de werking van die toewijzing door de onderhavige fictie immers evenzeer op een onaanvaardbare wijze doorkruist als bij een soortgelijke fictie die aanknoopt bij gebeurtenissen op een moment waarop de belastingplichtige niet (meer) in Nederland woont.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/e11a67155a4f7d7e29d86d2bb74a4261853fb54bfadfcd73ad4533615717376b. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt e11a67155a4f7d7e29d86d2bb74a4261853fb54bfadfcd73ad4533615717376b, en de alinea staat in dat document op bytes 11269 tot 12526.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/e11a67155a4f7d7e29d86d2bb74a4261853fb54bfadfcd73ad4533615717376b | shasum -a 256