Citaat | Hoge Raad 16 oktober 2009
Alinea 27 Hoge Raad 16 oktober 2009
Een alinea uit Hoge Raad 16 oktober 2009, ECLI:NL:HR:2009:BK0274.
4.3. Vooropgesteld wordt dat recht op teruggaaf van omzetbelasting, als bedoeld in artikel 29, lid 1, aanhef en letter a, van de Wet niet eerder geacht kan worden te ontstaan dan op het tijdstip waarop redelijkerwijs kan worden aangenomen dat de voldoening door de schuldenaar achterwege zal blijven (vgl. HR 4 september 1991, nr. 27161, LJN ZC4665, BNB 1991/315). Voorts moet worden vooropgesteld dat redelijke wetstoepassing meebrengt dat de ondernemer/crediteur enige beoordelingsvrijheid heeft met betrekking tot de vraag of redelijkerwijs kan worden aangenomen dat de voldoening door de schuldenaar achterwege zal blijven. De teruggaaf van omzetbelasting dient evenwel uiterlijk te worden gevraagd bij de aangifte over het eerste tijdvak waarin betaling van de vergoeding in rechte niet meer kan worden gevorderd.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/52c030d97a532bbc5bf3c147076edf996d201202cf4cf2c00d6a7943332f4d94. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 52c030d97a532bbc5bf3c147076edf996d201202cf4cf2c00d6a7943332f4d94, en de alinea staat in dat document op bytes 10703 tot 11534.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/52c030d97a532bbc5bf3c147076edf996d201202cf4cf2c00d6a7943332f4d94 | shasum -a 256