Citaat | Hoge Raad 23 oktober 2009
Alinea 21 Hoge Raad 23 oktober 2009
Een alinea uit Hoge Raad 23 oktober 2009, ECLI:NL:HR:2009:BK0896.
3.4.1. Bij de beoordeling van het middel moet worden vooropgesteld dat tekst en strekking van artikel 3, lid 1, van de Kostenwet de rechter geen ruimte bieden om te beoordelen of de in rekening gebrachte kosten disproportioneel zijn (vgl. HR 7 juni 2000, nr. 34793, LJN AA6124, BNB 2000/374, onderdeel 5.2, slotzin). De Kostenwet spreekt weliswaar van het in rekening brengen van "kosten", maar hanteert daartoe forfaitaire bedragen die ook in rekening gebracht mogen worden voor zover zij in het concrete geval meer bedragen dan de werkelijke kosten die aan het verrichten van de desbetreffende invorderingswerkzaamheden verbonden zijn. Hoewel de Kostenwet erop is gericht dat de totale aan invordering van belastingschulden verbonden kosten gedekt worden, sluit zij niet uit dat de wetgever de tarieven zodanig vaststelt dat de (geraamde) opbrengsten van de in rekening gebrachte bedragen de totale (geraamde) kosten van invordering overtreffen.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/ba291a1200fb7763f8cdc886eae675e8d2117b200143a0b3fe4afc6c9533dc28. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt ba291a1200fb7763f8cdc886eae675e8d2117b200143a0b3fe4afc6c9533dc28, en de alinea staat in dat document op bytes 7976 tot 8936.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/ba291a1200fb7763f8cdc886eae675e8d2117b200143a0b3fe4afc6c9533dc28 | shasum -a 256