Citaat | Hoge Raad 30 oktober 2009

Alinea 16 Hoge Raad 30 oktober 2009

Een alinea uit Hoge Raad 30 oktober 2009, ECLI:NL:HR:2009:BK1521.

3.1. Het Hof heeft aan zijn oordeel dat belanghebbende voor het jaar 1996 niet de vereiste aangifte heeft gedaan, mede ten grondslag gelegd de vaststelling dat de gegevens die belanghebbende aan zijn toenmalige belastingadviseur heeft verstrekt geen informatie over het privégebruik van een auto bevatten. Het derde middel betoogt onder meer - terecht - dat deze vaststelling onbegrijpelijk is, aangezien uit de stukken van het geding blijkt dat hierover wel informatie is verstrekt. Tot cassatie kan dit echter niet leiden. De door het Hof - in cassatie onbestreden - vastgestelde hoogte van de overige niet-aangegeven inkomsten bedraagt ten minste f 56.050. De uitspraak van het Hof en de stukken van het geding laten geen andere conclusie toe dan dat belanghebbende zich ervan bewust moet zijn geweest dat hij deze inkomsten in zijn aangifte diende te vermelden. De (absolute en relatieve) hoogte van de daarover verschuldigde belasting brengt mee dat door dit gebrek de vereiste aangifte niet is gedaan.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/46af62d00524b7b07199abae396937c40cd6ec048db0077ed52d2ccf298c156d. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 46af62d00524b7b07199abae396937c40cd6ec048db0077ed52d2ccf298c156d, en de alinea staat in dat document op bytes 6790 tot 7811.