Citaat | Hoge Raad 5 januari 2010
Alinea 56 Hoge Raad 5 januari 2010
Een alinea uit Hoge Raad 5 januari 2010, ECLI:NL:HR:2010:BJ6932.
"Op 21 januari 2006, omstreeks 05.00 uur, waren wij op het politiebureau Vlaardingen. Wij lieten drie personen binnen. Een van de personen welke ons aansprak bleek later te zijn genaamd: [slachtoffer 3], geboren op [geboortedatum]1981 te [geboorteplaats], wonende te [woonplaats]. [slachtoffer 3] vertelde aan ons dat hij bij de discotheek [A] te Vlaardingen beroofd was door drie Antilliaanse mannen. De twee meisjes die bij [slachtoffer 3] hoorden, vertelden aan ons dat zij getuigen waren geweest van de beroving. Zij vertelden dat zij hadden gezien dat de daders na de beroving weg waren gereden in twee auto's. Zij hadden de kentekens genoteerd. Een van de kentekens welke de meisjes aan ons doorgaven was [AA-00-BB] behorend bij een Ford Fiësta."
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/cfd07c21ba7b43daec397203a51cba6ac81352c40288528beffa1d9e8e668280. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt cfd07c21ba7b43daec397203a51cba6ac81352c40288528beffa1d9e8e668280, en de alinea staat in dat document op bytes 19362 tot 20128.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/cfd07c21ba7b43daec397203a51cba6ac81352c40288528beffa1d9e8e668280 | shasum -a 256