Citaat | Hoge Raad 15 januari 2010

Alinea 52 Hoge Raad 15 januari 2010

Een alinea uit Hoge Raad 15 januari 2010, ECLI:NL:HR:2010:BK0874.

"(...) of het voor [betrokkene 1] überhaupt mogelijk is/was om de vergunning(aanvraag) buiten de inbreng in de opgerichte BV te houden. Dit hangt af van de vraag of een dergelijke vergunning op basis van de regels van de vermogensetikettering tot het ondernemingsvermogen van [betrokkene 1] dient te worden gerekend. Er is een uitgebreide fiscale jurisprudentie ontstaan omtrent de vraag of bepaalde goederen tot het ondernemingsvermogen dan wel tot het privé vermogen van een ondernemer gerekend dient te worden. (...) Uit de feiten in de onderhavige zaak bij [betrokkene 1] blijkt dat de bedrijfsexploitatie op basis van de uiteindelijk verleende vergunning in de ondernemingsfeer (in casu in de BV-structuur) heeft plaatsgevonden. Dit betekent naar onze mening dat ten aanzien van de vergunning ten deze de vraag opportuun is of er fiscaal sprake is/was van verplicht ondernemingsvermogen."

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/f596f183db87b983b30f7758680cde90d4b0b66f34ee066eb8b7b5925f30c800. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt f596f183db87b983b30f7758680cde90d4b0b66f34ee066eb8b7b5925f30c800, en de alinea staat in dat document op bytes 11724 tot 12632.