Citaat | Hoge Raad 12 januari 2010
Alinea 33 Hoge Raad 12 januari 2010
Een alinea uit Hoge Raad 12 januari 2010, ECLI:NL:HR:2010:BK2091.
"Artikel 588a geeft de verdachte op drie momenten de gelegenheid om een adres op te geven - anders dan zijn of haar GBA-adres - waaraan mededelingen over de strafzaak kunnen worden gezonden: bij het eerste verhoor, bij het begin van het onderzoek ter terechtzitting in eerste aanleg en bij het instellen van een gewoon rechtsmiddel. Dit behoeft niet het woonadres te zijn maar kan ook een ander adres zijn waarop de verdachte bereikt kan worden" (Kamerstukken II 2004/2005, 29 805, nr. 3, p. 11-13).
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/c87f95545781cb7cc0302a5721013bca9b92dee02448d19998cc98202feacf4a. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt c87f95545781cb7cc0302a5721013bca9b92dee02448d19998cc98202feacf4a, en de alinea staat in dat document op bytes 10849 tot 11361.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/c87f95545781cb7cc0302a5721013bca9b92dee02448d19998cc98202feacf4a | shasum -a 256