Citaat | Hoge Raad 2 maart 2010
Alinea 68 Hoge Raad 2 maart 2010
Een alinea uit Hoge Raad 2 maart 2010, ECLI:NL:HR:2010:BK3424.
"Mij wordt een foto getoond op een papier. Ik hoor de rechter-commissaris dat zij het papier aan het proces-verbaal van verhoor zal hechten. De man op de foto is [betrokkene], ook wel [betrokkene] genaamd. Het klopt dat ik op een bepaald moment cocaïne ben gaan kopen van hem. Hij was mijn huisdealertje. Ik kocht een halve of een hele gram cocaïne per keer bij [betrokkene]. Ik kocht dan één keer per week bij hem.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/ea271e95735ac99827c87368a6b0558b915b9fc6ed86f7f544dd1487c26c3785. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt ea271e95735ac99827c87368a6b0558b915b9fc6ed86f7f544dd1487c26c3785, en de alinea staat in dat document op bytes 17109 tot 17541.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/ea271e95735ac99827c87368a6b0558b915b9fc6ed86f7f544dd1487c26c3785 | shasum -a 256