Citaat | Hoge Raad 21 december 2010
Alinea 32 Hoge Raad 21 december 2010
Een alinea uit Hoge Raad 21 december 2010, ECLI:NL:HR:2010:BL0666.
"In artikel 6 van het EVRM ligt besloten dat, indien ten aanzien van een verdachte sprake is van een 'criminal charge', de verdachte het recht heeft om niet aan zijn eigen veroordeling te hoeven meewerken. De vraag in casu is in hoeverre [klaagster] zich op het nemo teneturbeginsel kan beroepen. Daarbij wordt aansluiting gevonden bij het uitgangspunt in het arrest Saunders (EHRM NJ 1997 nr. 699). In vermeld arrest is door het Hof bepaald dat bewijs dat onder dwang of drukuitoefening is verkregen én dat afhankelijk van de wil van de verdachte bestaat, niet mag worden gebruikt tijdens een strafvervolging en wordt daarbij als een van de voorbeelden in beslaggenomen documenten genoemd.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/f4e808dc8a8be9bf03b19539196515467647080986d623ba80ab5b87bd7c3a9f. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt f4e808dc8a8be9bf03b19539196515467647080986d623ba80ab5b87bd7c3a9f, en de alinea staat in dat document op bytes 13073 tot 13777.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/f4e808dc8a8be9bf03b19539196515467647080986d623ba80ab5b87bd7c3a9f | shasum -a 256