Citaat | Hoge Raad 21 december 2010

Alinea 58 Hoge Raad 21 december 2010

Een alinea uit Hoge Raad 21 december 2010, ECLI:NL:HR:2010:BL0666.

4.3. De Rechtbank heeft geoordeeld dat de klaagster niet aan de vordering behoefde te voldoen omdat de documenten door de klaagster zijn vervaardigd en het bestaan van die documenten van haar wil afhankelijk is. Door aldus te oordelen heeft de Rechtbank een onjuiste maatstaf aangelegd. Beslissend voor de vraag of het nemo-tenetur-beginsel is geschonden, is immers of het gebruik tot het bewijs van een al dan niet in een document vervatte verklaring van de verdachte in een strafzaak zijn recht om te zwijgen en daarmee zijn recht om zichzelf niet te belasten van zijn betekenis zou ontdoen. Het antwoord op deze vraag hangt af van de aard van de in het document vervatte verklaring, waarbij de omstandigheid dat de verdachte de verklaring zelf heeft vervaardigd, niet beslissend is. De Rechtbank had derhalve kennis moeten nemen van de inhoud van de documenten.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/f4e808dc8a8be9bf03b19539196515467647080986d623ba80ab5b87bd7c3a9f. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt f4e808dc8a8be9bf03b19539196515467647080986d623ba80ab5b87bd7c3a9f, en de alinea staat in dat document op bytes 20568 tot 21445.