Citaat | Hoge Raad 16 april 2010

Alinea 34 Hoge Raad 16 april 2010

Een alinea uit Hoge Raad 16 april 2010, ECLI:NL:HR:2010:BL5416.

3.4.1 Middel 1 behelst de rechtsklacht dat het in rov. 3.8 gegeven oordeel strijdig is met de, in het bijzonder in art. 2:362 lid 6 BW neergelegde, regel dat de jaarrekening wordt vastgesteld met inachtneming van hetgeen omtrent de financiële toestand op de balansdatum is gebleken tussen het opmaken van de jaarrekening en de algemene vergadering waarin zij wordt behandeld. Volgens het middel heeft de ondernemingskamer deze regel geschonden door de afwijzing van de gevorderde afwaardering van de vordering op [A] te stoelen op een rechterlijke uitspraak van na de datum waarop de jaarrekening in de algemene vergadering van aandeelhouders is vastgesteld, terwijl effecten van een gebeurtenis die zich heeft voltrokken na de datum van vaststelling van de jaarrekening bij de waardering van posten op de jaarrekening geen rol mogen spelen. Naar luid van het middel verwart de ondernemingskamer aldus kennis die zij ten tijde van arrestwijzing in 2008 had met de kennis die men in 2004 ten tijde van het vaststellen van de jaarrekening had.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/f95ffd02030e6af69257b328d36dd520322b94066be77794ff4c07dc2291d612. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt f95ffd02030e6af69257b328d36dd520322b94066be77794ff4c07dc2291d612, en de alinea staat in dat document op bytes 10526 tot 11582.