Citaat | Hoge Raad 26 maart 2010

Alinea 21 Hoge Raad 26 maart 2010

Een alinea uit Hoge Raad 26 maart 2010, ECLI:NL:HR:2010:BL8871.

3.3.1. Zoals de Hoge Raad heeft beslist in zijn arrest van 25 september 2009, nr. 07/13362, LJN BJ8524, BNB 2009/295, dient de inspecteur bij belastingen die bij wege van aanslag worden geheven op grond van het beleid van de Belastingdienst in beginsel binnen een termijn van drie maanden na het indienen van de aangifte een (voorlopige) aanslag vast te stellen. Het zorgvuldigheidsbeginsel verzet zich er als regel tegen dat een inspecteur, in geval van overschrijding van de driemaandstermijn, meer heffingsrente in rekening brengt dan de belastingplichtige verschuldigd zou zijn als er bij het einde van deze termijn een (voorlopige) aanslag in overeenstemming met de aangifte zou zijn opgelegd. Dit is slechts anders indien en voor zover sprake is van bijzondere omstandigheden waardoor de overschrijding van de termijn van drie maanden niet aan de Belastingdienst te wijten is.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/2cdbe829a3d9e6e06268a5c61deea5b4bbdcd49d2ee56aa75ea6d7f760ff4ae7. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 2cdbe829a3d9e6e06268a5c61deea5b4bbdcd49d2ee56aa75ea6d7f760ff4ae7, en de alinea staat in dat document op bytes 7112 tot 8008.