Citaat | Hoge Raad 13 juli 2010
Alinea 48 Hoge Raad 13 juli 2010
Een alinea uit Hoge Raad 13 juli 2010, ECLI:NL:HR:2010:BL9105.
2.6. In het onderhavige geval is sprake van de in art. 421, tweede lid, Sv bedoelde situatie, namelijk dat de voeging van [slachtoffer] als benadeelde partij in hoger beroep van rechtswege voortduurde. Het Hof diende dus ingevolge art. 361, vierde lid, Sv op diens vordering te beslissen. De omstandigheid dat [slachtoffer] inmiddels was overleden, maakt dat niet anders.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/dcd9fa03e3726269d35f647ad0da840f9bd70c2ea8807757a7fd62ba98ed6377. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt dcd9fa03e3726269d35f647ad0da840f9bd70c2ea8807757a7fd62ba98ed6377, en de alinea staat in dat document op bytes 14949 tot 15334.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/dcd9fa03e3726269d35f647ad0da840f9bd70c2ea8807757a7fd62ba98ed6377 | shasum -a 256