Citaat | Hoge Raad 17 december 2010
Alinea 43 Hoge Raad 17 december 2010
Een alinea uit Hoge Raad 17 december 2010, ECLI:NL:HR:2010:BO1821.
Of een detentie en het daaruit voorvloeiende werkverzuim van een werknemer voldoende zijn voor een ontslag op staande voet hangt af van bijkomende omstandigheden, zoals de vraag of de werknemer een verwijt valt te maken dat hij gedetineerd is geraakt en, bijvoorbeeld, of hij de werkgever van zijn detentie (zo spoedig als mogelijk en noodzakelijk was) in kennis heeft gesteld. Het hof volgt ABN AMRO dus niet in haar primaire stelling dat het enkele feit dat een werknemer als gevolg van detentie kortere of langere tijd niet op het werk verschijnt op zichzelf al een grond voor ontslag op staande voet oplevert en dat dit eens te meer het geval is als de werknemer bij onherroepelijk vonnis tot een (lange) gevangenisstraf is veroordeeld. ABN AMRO heeft de enkele detentie van [verweerder] kennelijk zelf ook niet voldoende geacht voor zijn ontslag op staande voet, nu zij het ontslag aan [verweerder] immers niet heeft aangezegd op het moment dat (of kort nadat) zij van de detentie van [verweerder] op de hoogte is gekomen. (rov. 4.5)
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/ddbf8743f5d9b14fb740946cb52c340086ba0bf2ea0e96566800868992dc5fcf. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt ddbf8743f5d9b14fb740946cb52c340086ba0bf2ea0e96566800868992dc5fcf, en de alinea staat in dat document op bytes 11548 tot 12599.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/ddbf8743f5d9b14fb740946cb52c340086ba0bf2ea0e96566800868992dc5fcf | shasum -a 256