Citaat | Hoge Raad 7 januari 2011
Alinea 34 Hoge Raad 7 januari 2011
Een alinea uit Hoge Raad 7 januari 2011, ECLI:NL:HR:2011:BL0214.
3.4. Het middel keert zich tegen het hiervoor in 3.3 weergegeven oordeel met een rechtsklacht. Het middel betoogt dat een door de NMa opgelegde boete (mede) een voordeelontnemend karakter heeft en dat het bedrag van de voordeelontneming aftrekbaar is. Het middel faalt, omdat het oordeel van de rechtbank juist is. De onderhavige boete is opgelegd op grond van artikel 56, lid 1, aanhef en letter c, van de Mededingingswet en is als zodanig gericht op bestraffing van de persoon aan wie een in die bepaling vermelde overtreding kan worden toegerekend. De omstandigheid dat bij het opleggen van de boete mede met de bij de overtreding betrokken omzet rekening kan worden gehouden, maakt dit niet anders. Het ligt in de rede dat mede die omzet in aanmerking wordt genomen bij het bepalen van de ernst van de overtreding die met de boete wordt bestraft. Van een aan de boete ten grondslag liggende vaststelling van het door de beboete persoon met de overtreding behaalde voordeel is ook geen sprake.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/8ec61c4981407c8dce5972264f53a88ccdc4149567cf0b0bd0f2b8794181a24d. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 8ec61c4981407c8dce5972264f53a88ccdc4149567cf0b0bd0f2b8794181a24d, en de alinea staat in dat document op bytes 9225 tot 10235.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/8ec61c4981407c8dce5972264f53a88ccdc4149567cf0b0bd0f2b8794181a24d | shasum -a 256