Citaat | Hoge Raad 29 maart 2011

Alinea 24 Hoge Raad 29 maart 2011

Een alinea uit Hoge Raad 29 maart 2011, ECLI:NL:HR:2011:BO2628.

hij op tijdstippen in de periode van 14 december 2001 tot en met 10 februari 2005 in de gemeente Veenendaal, althans in Nederland, telkens geldbedragen, van in totaal € 2.850.926,23 (stortingen in de jaren 2002 tot en met 2005), heeft verworven en voorhanden heeft gehad en dat hij op tijdstippen in de periode van 14 december 2001 tot en met 10 februari 2005 in Duitsland geldbedragen, van in totaal € 2.850.926,23 (stortingen in de jaren 2002 tot en met 2005), voorhanden heeft gehad, terwijl hij wist dat bovengenoemde geldbedragen -onmiddellijk of middellijk- afkomstig waren uit de opbrengst van fiscale strafbare feiten, in elk geval afkomstig van enig misdrijf, tot het plegen van welke bovenomschreven strafbare feiten verdachte een gewoonte heeft gemaakt."

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/d3cd35cbc17eb975d61c7ac084a3882cc9666b2cb29b351b58fc107b6bb1af08. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt d3cd35cbc17eb975d61c7ac084a3882cc9666b2cb29b351b58fc107b6bb1af08, en de alinea staat in dat document op bytes 7406 tot 8188.