Citaat | Hoge Raad 29 maart 2011
Alinea 39 Hoge Raad 29 maart 2011
Een alinea uit Hoge Raad 29 maart 2011, ECLI:NL:HR:2011:BO4064.
2.3. Vooropgesteld moet worden dat de betekeningsvoorschriften strekken tot bescherming van het belang dat zoveel mogelijk wordt voorkomen dat een verdachte buiten zijn schuld onbekend blijft met het feit dat een tegen hem lopende strafzaak ter terechtzitting aanhangig is gemaakt, dientengevolge niet verschijnt en daardoor in zijn verdediging kan worden benadeeld. De nietigheid van de dagvaarding wegens een betekeningsgebrek wordt niet gedekt doordat ter terechtzitting een op de voet van art. 279 Sv tot de verdediging gemachtigde raadsman is verschenen (vgl. HR 11 februari 2003, LJN AE9649, NJ 2003/390, rov. 3.5.1 en 3.5.5).
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/35515c7986091f74a13df39e61af58aa89cd05a47dae37311cb7f96d72cb52d7. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 35515c7986091f74a13df39e61af58aa89cd05a47dae37311cb7f96d72cb52d7, en de alinea staat in dat document op bytes 10126 tot 10771.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/35515c7986091f74a13df39e61af58aa89cd05a47dae37311cb7f96d72cb52d7 | shasum -a 256