Citaat | Hoge Raad 28 januari 2011
Alinea 37 Hoge Raad 28 januari 2011
Een alinea uit Hoge Raad 28 januari 2011, ECLI:NL:HR:2011:BO4930.
3.4.2 Het bestreden arrest moet aldus worden begrepen dat naar het oordeel van het hof vanwege de omstandigheid dat Baboprint bij een niet doorgaan van de tussen partijen beoogde samenwerking, haar investeringen in het project niet uit de samenwerking zal kunnen terugverdienen en zij hiervoor op enigerlei wijze door Marexion schadeloos zal moeten worden gesteld, de redelijkheid en billijkheid als bedoeld in art. 6:2 lid 1 of 6:248 lid 1 BW meebrengen dat Marexion tot het stellen van de bankgarantie verplicht is. Dat oordeel is onjuist. Het burgerlijk recht kent een gesloten stelsel van dwangmiddelen en middelen tot bewaring van recht. Uitgangspunt bij de toepassing daarvan dient te zijn dat schuldeisers, zoals naar voren komt uit art. 3:277 lid 1 BW, behoudens een door de wet erkende reden van voorrang, een gelijk recht van verhaal hebben op het vermogen van de schuldenaar. Het verlenen van een bankgarantie heeft naar zijn aard echter de strekking die gelijkheid te doorbreken.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/416efb99666aafd573ef7a26dc442cb50282979fbd913daa343c3723cdb5640a. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 416efb99666aafd573ef7a26dc442cb50282979fbd913daa343c3723cdb5640a, en de alinea staat in dat document op bytes 9935 tot 10940.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/416efb99666aafd573ef7a26dc442cb50282979fbd913daa343c3723cdb5640a | shasum -a 256