Citaat | Hoge Raad 18 januari 2011
Alinea 28 Hoge Raad 18 januari 2011
Een alinea uit Hoge Raad 18 januari 2011, ECLI:NL:HR:2011:BO6365.
[Slachtoffer 1] zei dat een van zijn wiethokken werd geript of dat de politie daar was. [Slachtoffer 2] heeft toen in zijn woning een vuurwapen gepakt van het merk CZ, kaliber 7.65 of 7.35 mm, met vier tot zes patronen. Hij is vervolgens weer bij [slachtoffer 1] in de auto gestapt en naar de woning, waar het wiethok gevestigd was, gereden. Onder het rijden hoorde hij dat [slachtoffer 1] zei dat hij hoopte dat het de politie was maar dat hij het vreemd vond dat hij niets hoorde, omdat je de politie normaal wel hoort praten. [Slachtoffer 1] had op al zijn wietkotten dezelfde alarmen, welke op zodanige wijze waren ingesteld dat hij bij een alarm verbinding kreeg met zijn gsm en kon meeluisteren wat er gebeurde, aldus [slachtoffer 2]. Onderweg in de auto ging de telefoon van [slachtoffer 1] en [slachtoffer 2] hoorde hem zeggen "We zijn er bijna" en "Ik zie je zo". Daarna zei [slachtoffer 1] tegen [slachtoffer 2] "Die ander is er over twee minuten". [Slachtoffer 1] parkeerde zijn auto in de Jan Vethstraat. Zij zijn de steeg ingelopen (het hof begrijpt: de hierboven beschreven brandgang). [Slachtoffer 1] opende de poort aan de linker zijde van de steeg en liep een paar passen de tuin in. [Slachtoffer 2] liep direct achter hem aan. In de tuin zag hij dat twee mannen halverwege in de tuin stonden, die vervolgens de woning inrenden via de geopende achterdeur. [Slachtoffer 1] draaide zich vervolgens een halve slag naar de rechterzijde. Hij had in zijn linkerhand een lang voorwerp. Toen hij dit voorwerp iets naar boven bracht, hoorde [slachtoffer 2] kort achter elkaar twee schoten. Hij heeft op dat moment twee maal licht uit de richting van de schoten zien komen. De afstand tussen die lichtflitsen en [slachtoffer 1] was één, hooguit anderhalve meter.[Slachtoffer 1] riep direct na de schoten "aaah", viel op de grond en zakte ineens in elkaar. [Slachtoffer 2] heeft hierop zijn pistool gepakt en één à twee keer geschoten in de richting waar de lichtflitsen vandaan kwamen en hij de schoten had gehoord. Vervolgens hoorde en zag hij dat er vanuit de achterdeur van de woning werd geschoten. Hij zag daar een persoon staan. [Slachtoffer 2] heeft daarna op de woning geschoten. In totaal heeft hij vier tot zes keer geschoten. Toen hij gerommel bij de poort hoorde, is hij gevlucht. Hij is de steeg uit gelopen en zag twee personen op de weg staan. [Slachtoffer 2] is toen een veld opgerend. Toen hij halverwege het veld was, hoorde hij twee schoten uit de richting van de Jozef Israelslaan komen.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/f15d4c630a8f8bd1144221b7893ee37d88250a98ff8690ea00adae3f71bba2f3. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt f15d4c630a8f8bd1144221b7893ee37d88250a98ff8690ea00adae3f71bba2f3, en de alinea staat in dat document op bytes 10276 tot 12808.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/f15d4c630a8f8bd1144221b7893ee37d88250a98ff8690ea00adae3f71bba2f3 | shasum -a 256