Citaat | Hoge Raad 25 januari 2011

Alinea 31 Hoge Raad 25 januari 2011

Een alinea uit Hoge Raad 25 januari 2011, ECLI:NL:HR:2011:BO6753.

"Op 15 november 2005 kwam ik thuis en mijn man zei dat [slachtoffer] met mij wilde praten. Ik ben toen met haar gaan praten. Ik hoorde van [slachtoffer] dat [verdachte] haar had betast en seksueel getinte opmerkingen naar haar had gemaakt. Ze vertelde dat ze een keer pijn in haar kaak had en dat ze boven in de eetruimte met hem zat en dat hij naar haar kaak keek en opeens op de mond zoende. Ook vertelde ze over dat hij haar bij de borsten wilde pakken. En dat ze lepels stond af te wassen en dat hij haar bij de kont en haar middel pakte. We hebben toen gezegd dat ze niet meer ging werken en dat ze zich ziek moest melden. Wat ik ook nog heb gehoord van [slachtoffer] is dat zij de laatste middag met haar armen over elkaar stond en dat hij met een laserpen op haar scheen. Hij zei toen: "Doe je armen eens weg, dan kan ik op je tepels schijnen".

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/f6805c8d1b7d111ec8a6d297384661b001f342ac689eda2526da3c46453cf21a. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt f6805c8d1b7d111ec8a6d297384661b001f342ac689eda2526da3c46453cf21a, en de alinea staat in dat document op bytes 12409 tot 13273.