Citaat | Hoge Raad 25 januari 2011

Alinea 32 Hoge Raad 25 januari 2011

Een alinea uit Hoge Raad 25 januari 2011, ECLI:NL:HR:2011:BO6753.

Op maandag 21 november 2005 belde [verdachte] weer. Ik heb eerst met hem gesproken. Hij wilde [slachtoffer] spreken. Ik heb toen de telefoon aan [slachtoffer] gegeven. Hij noemde haar ook moppie en liefje. Ik kon dit horen doordat ik bij de hoorn met haar mee stond te luisteren."

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/f6805c8d1b7d111ec8a6d297384661b001f342ac689eda2526da3c46453cf21a. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt f6805c8d1b7d111ec8a6d297384661b001f342ac689eda2526da3c46453cf21a, en de alinea staat in dat document op bytes 13281 tot 13574.