Citaat | Hoge Raad 11 februari 2011

Alinea 42 Hoge Raad 11 februari 2011

Een alinea uit Hoge Raad 11 februari 2011, ECLI:NL:HR:2011:BO7114.

3.3.3 Het middel faalt. Het miskent dat dat het hier gaat om een uitzondering op de onderhavige grond voor nietigheid van de erkenning en dat daarom niet alleen voor de aanwezigheid van de nietigheidsgrond maar ook voor het zich voordoen van de uitzondering het tijdstip waarop de erkenning is gedaan, beslissend moet zijn. Het betoog dat hier geen van de belangen van het tweede lid van art. 8 EVRM aan de orde is, ziet eraan voorbij dat de beperkingen die art. 1:204 stelt aan het recht op eerbiediging van family life wel degelijk hun grond vinden in het tweede lid van art. 8 EVRM, namelijk in de rechten en vrijheden van anderen die art. 1:204 beoogt te beschermen.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/2043968d63efd6ae8f27e6736e31ba42dbba16e75b2c0296087af5ffd1e3e815. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 2043968d63efd6ae8f27e6736e31ba42dbba16e75b2c0296087af5ffd1e3e815, en de alinea staat in dat document op bytes 10357 tot 11040.