Citaat | Hoge Raad 22 februari 2011
Alinea 87 Hoge Raad 22 februari 2011
Een alinea uit Hoge Raad 22 februari 2011, ECLI:NL:HR:2011:BO7977.
Het hof verwerpt dit verweer, aangezien geen feiten of omstandigheden aannemelijk zijn geworden, die de conclusie kunnen rechtvaardigen dat het handelen van de verdachte of zijn medestanders was geboden ter verdediging van zijn of andermans lijf tegen een ogenblikkelijke wederrechtelijke aanranding door de slachtoffers. Voorts is niet aannemelijk geworden dat van de slachtoffers (toen nog) een dusdanige dreiging uitging, dat de verdachte kon en mocht menen dat hij zich moest verdedigen tegen een aanval van de slachtoffers. Evenmin blijkt dat kort voor de verweten handelingen de verdachte zo zeer in het nauw heeft gezeten dat het hem verweten gedrag kan worden verklaard uit een gemoedstoestand die is opgewekt door het zich bedreigd voelen door hetzij [slachtoffer 1] hetzij [slachtoffer 2]. [Slachtoffer 2] had immers slechts met collega's van de verdachte gevochten en was niet gevaarlijk (meer), toen de verdachte hen kwam helpen, en [slachtoffer 1] was hinderlijk geweest maar met haar kleine postuur geen bedreiging voor de grote verdachte."
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/0c369ddb174189d437a79c10041f4d739765f2b2749a4b7627c6355f4ff1f285. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 0c369ddb174189d437a79c10041f4d739765f2b2749a4b7627c6355f4ff1f285, en de alinea staat in dat document op bytes 25472 tot 26539.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/0c369ddb174189d437a79c10041f4d739765f2b2749a4b7627c6355f4ff1f285 | shasum -a 256