Citaat | Hoge Raad 18 maart 2011
Alinea 73 Hoge Raad 18 maart 2011
Een alinea uit Hoge Raad 18 maart 2011, ECLI:NL:HR:2011:BO9570.
Ook de in de conclusie van de Advocaat-Generaal onder 4.5 genoemde, in de toelichting op het amendement waarbij de eis van schriftelijkheid van het beding in art. 7:613 is opgenomen (Kamerstukken II 1996-1997, 24 615, nr. 15) voorkomende, passage dat uit een oogpunt van rechtszekerheid en kenbaarheid aan het beding zelf de formele eis dient te worden gesteld dat het schriftelijk en in de arbeidsovereenkomst zelf is overeengekomen, dwingt niet tot de conclusie dat dit laatste volgens de wetgever eveneens zou moeten gelden voor een wijzigingsbeding als het onderhavige. Met de incorporatie van de winstdelingsregeling in de arbeidsovereenkomst is immers voldoende tegemoetgekomen aan de eisen van rechtszekerheid en kenbaarheid waarop die passage doelt, nu over de inhoud en reikwijdte van het beding geen redelijke twijfel kan bestaan.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/5e4f0f3823538f25cd5632690a022f564780485281bbaec9076ec84d3e3f461a. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 5e4f0f3823538f25cd5632690a022f564780485281bbaec9076ec84d3e3f461a, en de alinea staat in dat document op bytes 20504 tot 21357.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/5e4f0f3823538f25cd5632690a022f564780485281bbaec9076ec84d3e3f461a | shasum -a 256