Citaat | Hoge Raad 18 februari 2011

Alinea 64 Hoge Raad 18 februari 2011

Een alinea uit Hoge Raad 18 februari 2011, ECLI:NL:HR:2011:BO9581.

3.5.1 In de gedachtegang van het hof die heeft geleid tot zijn oordeel (zakelijk samengevat) dat de erflater bij het opmaken van zijn testament heeft bedoeld al zijn kinderen tot erfgenaam te benoemen indien de ontbindende voorwaarde in art. VII zou worden vervuld, spelen de volgende factoren een rol: (a) dat de notaris bij het vastleggen van de uiterste wil de bedoeling van de erflater in het testament heeft weergegeven, en dat toen de erlater zijn uiterste wil formuleerde hij (b) wist dat [verweerster] zijn kind was en (c) geen voorbehoud heeft gemaakt wie van zijn kinderen tot erfgenaam zouden worden benoemd, behoudens het bepaalde in art. II.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/b2fad44ce4736aa8fa92f726572ad7bc074123812e9be459ed974ff620066bc7. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt b2fad44ce4736aa8fa92f726572ad7bc074123812e9be459ed974ff620066bc7, en de alinea staat in dat document op bytes 13032 tot 13699.