Citaat | Hoge Raad 18 februari 2011
Alinea 66 Hoge Raad 18 februari 2011
Een alinea uit Hoge Raad 18 februari 2011, ECLI:NL:HR:2011:BO9581.
In de eerste plaats heeft het hof bij zijn uitleg van art. VII niet betrokken dat het testament in art. II tot en met V de verhouding tussen de echtgenote [betrokkene 4] en de kinderen (en hun afstammelingen optredende bij plaatsvervulling) uit haar huwelijk met de erflater wenst te regelen met name door een ouderlijke boedelverdeling op de voet van het toenmalige art. 4:1167 BW. Dit is een indicatie die zich niet wel laat rijmen met de conclusie van het hof dat de erflater op het moment dat hij zijn uiterste wil heeft geformuleerd - behoudens hetgeen onder II van het testament is gesteld - geen voorbehoud heeft gemaakt wie van zijn kinderen tot erfgenaam worden geroepen. Het omgekeerde ligt meer in de rede, namelijk dat de erflater in het testament alleen de verhouding ten opzichte van zijn kinderen uit het huwelijk met alleen zijn vrouw [betrokkene 4] heeft willen regelen.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/b2fad44ce4736aa8fa92f726572ad7bc074123812e9be459ed974ff620066bc7. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt b2fad44ce4736aa8fa92f726572ad7bc074123812e9be459ed974ff620066bc7, en de alinea staat in dat document op bytes 13898 tot 14798.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/b2fad44ce4736aa8fa92f726572ad7bc074123812e9be459ed974ff620066bc7 | shasum -a 256