Citaat | Hoge Raad 20 december 2011
Alinea 77 Hoge Raad 20 december 2011
Een alinea uit Hoge Raad 20 december 2011, ECLI:NL:HR:2011:BP0199.
Feitelijk is er een probleem van geheimhouding, omdat er dan officieel veel mensen op de hoogte moeten worden gebracht van de reden waarom de drugs de zogenaamde deponeerkamer zouden moeten verlaten. Eenmaal kwam pseudo-verkoop bij de Hoge Raad in de zaak Hugo (1993) Noot aan de orde. In die zaak was door de Bundeskriminalamt te Wiesbaden (BKA) een transport- en opslagonderneming genaamd Metrans opgericht (frontstore). Deze onderneming, die grote partijen cocaïne in het bezit had van een organisatie uit Zuid-Amerika, werd gerund door twee politieambtenaren, van wie één als eigenaar te boek stond. Een centrale rol binnen Mertrans werd vervuld door burger-infiltrant 'Hugo'. Hij zorgde voor de verkoop van (onder meer) 125 kilo cocaïne aan de Nederlander M. Deze partij is gecontroleerd afgeleverd (aanhoudingen volgden). De Hoge Raad noemde deze verkoop, in navolging van het hof, een pseudo-actie en toetste aan de criteria die gelden voor een gewone pseudo-koop.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/3a1e4cbfcfc2b911211a0c4aa9392bfb35ece6d7968a9a6cd6ac3adba043ee59. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 3a1e4cbfcfc2b911211a0c4aa9392bfb35ece6d7968a9a6cd6ac3adba043ee59, en de alinea staat in dat document op bytes 23982 tot 24970.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/3a1e4cbfcfc2b911211a0c4aa9392bfb35ece6d7968a9a6cd6ac3adba043ee59 | shasum -a 256