Citaat | Hoge Raad 20 december 2011
Alinea 80 Hoge Raad 20 december 2011
Een alinea uit Hoge Raad 20 december 2011, ECLI:NL:HR:2011:BP0199.
Het hof is dan ook van oordeel dat er in casu geen sprake is van een uitdrukkelijk niet in de wet opgenomen en daarmee niet toelaatbare 'pseudo-verkoop' zoals bedoeld door de wetgever in de eerdergenoemde Memorie van Toelichting. Dat de officier van justitie met [A] voormelde overeenkomst heeft gesloten, doet aan een en ander niet af. De werkwijze is voor eenieder transparant en toetsbaar en gelet op vorenstaande overwegingen niet onrechtmatig. Ook aan de eisen van proportionaliteit en subsidiariteit is naar het oordeel van het hof, gelet op de hierboven weergegeven feitelijke gang van zaken betreffende de contacten tussen de verdachte en [A] voldaan.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/3a1e4cbfcfc2b911211a0c4aa9392bfb35ece6d7968a9a6cd6ac3adba043ee59. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 3a1e4cbfcfc2b911211a0c4aa9392bfb35ece6d7968a9a6cd6ac3adba043ee59, en de alinea staat in dat document op bytes 25721 tot 26393.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/3a1e4cbfcfc2b911211a0c4aa9392bfb35ece6d7968a9a6cd6ac3adba043ee59 | shasum -a 256