Citaat | Hoge Raad 25 maart 2011

Alinea 70 Hoge Raad 25 maart 2011

Een alinea uit Hoge Raad 25 maart 2011, ECLI:NL:HR:2011:BP2310.

3.6.6 Tegen deze achtergrond kan hetgeen in de klachten wordt aangevoerd (zo een dergelijk betoog al in feitelijke aanleg zou zijn ontwikkeld) niet afdoen aan het door het hof aangenomen causaal verband. Het hof heeft immers kennelijk, en niet onbegrijpelijk, geoordeeld dat [eiser] erop bedacht diende te zijn dat het Hoogheemraadschap maatregelen zou treffen om alsnog het, door [eiser] geschonden, belang van eerlijke verkiezingen te waarborgen en dat hij kon begrijpen dat zijn met grove schuld gepleegde frauduleuze handelingen tot gevolg zouden kunnen hebben dat het Hoogheemraadschap hem zou trachten te weren uit het algemeen bestuur of dat herverkiezingen zouden plaatsvinden.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/8cfdc601994ea929ecea2619f65426ee516ffade07df08a4435a561e195efe2b. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 8cfdc601994ea929ecea2619f65426ee516ffade07df08a4435a561e195efe2b, en de alinea staat in dat document op bytes 25079 tot 25777.