Citaat | Hoge Raad 5 juli 2011

Alinea 150 Hoge Raad 5 juli 2011

Een alinea uit Hoge Raad 5 juli 2011, ECLI:NL:HR:2011:BP2620.

6.4. Zoals in de conclusie van de Advocaat-Generaal onder 6.3 tot en met 6.5 is uiteengezet komt aan de term "bijzonderheid" in art. 46 (oud) Wte 1995 de betekenis toe van "informatie die concreet is" en is die term blijkens de wetsgeschiedenis inhoudelijk in overeenstemming met het begrip "concrete informatie" in de Richtlijn marktmisbruik. Art. 1, punt 1 van Richtlijn 2003/124/EG, houdt in dat opzicht in: "Voor de toepassing van artikel 1, punt 1 van Richtlijn 2003/6/EG wordt informatie geacht concreet te zijn indien zij betrekking heeft op een situatie die bestaat of waarvan redelijkerwijs mag worden aangenomen dat zij zal ontstaan, dan wel op een gebeurtenis die heeft plaatsgevonden of waarvan redelijkerwijs mag worden aangenomen dat zij zal plaatsvinden, en indien die informatie specifiek genoeg is om er een conclusie uit te trekken omtrent de mogelijke invloed van bovenbedoelde situatie of gebeurtenis op de koers van financiële instrumenten of van daarvan afgeleide financiële instrumenten".

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/f4856bee251fd64eb0628df8a73ebd99c4c6792d2f9eadf1f7912160eca5cb8b. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt f4856bee251fd64eb0628df8a73ebd99c4c6792d2f9eadf1f7912160eca5cb8b, en de alinea staat in dat document op bytes 50389 tot 51415.