Citaat | Hoge Raad 5 juli 2011

Alinea 207 Hoge Raad 5 juli 2011

Een alinea uit Hoge Raad 5 juli 2011, ECLI:NL:HR:2011:BP2620.

9.3. Vooropgesteld moet worden dat in het hier toepasselijke art. 46 (oud) Wte 1995 het in het middel bedoelde vereiste van causaal verband tussen het verrichten van de transactie en de voorwetenschap niet valt te lezen, terwijl ook de wetsgeschiedenis van die bepaling voor het bestaan van een dergelijk vereiste geen aanknopingspunt biedt. Het middel, dat dat op zichzelf niet bestrijdt, betoogt dat niettemin is vereist dat komt vast te staan dat sprake is van een dergelijk causaal verband. Het voert daartoe aan dat de Richtlijn marktmisbruik, die dateert van na de totstandkoming van art. 46 (oud) Wte 1995, wel een dergelijk verband eist en die bepaling in de zin van die Richtlijn dient te worden uitgelegd. Daartoe wordt een beroep gedaan op het arrest van het Hof van Justitie van de EG van 23 december 2009, (HvJ EG 23 december 2009, zaak C-45/08, LJN BK9561, NJ 2010/239), meer in het bijzonder op de volgende passage uit dat arrest:

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/f4856bee251fd64eb0628df8a73ebd99c4c6792d2f9eadf1f7912160eca5cb8b. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt f4856bee251fd64eb0628df8a73ebd99c4c6792d2f9eadf1f7912160eca5cb8b, en de alinea staat in dat document op bytes 79138 tot 80096.