Citaat | Hoge Raad 22 maart 2011
Alinea 28 Hoge Raad 22 maart 2011
Een alinea uit Hoge Raad 22 maart 2011, ECLI:NL:HR:2011:BP2715.
Ik zag dat mijn man zonder enige aanleiding van één van de mannen een kopstoot in zijn gezicht kreeg. Ik zag dat mijn man achterover op de grond viel. Ik zal dat mijn man hevig uit zijn neus bloede. Mijn man is toen opgestaan en naar de schuur gelopen. Mijn man kwam toen met een koevoet in de richting van de poort gelopen om deze jongens weg te jagen. Deze renden toen weg. Er zijn er twee weggerend. De anderen zijn in een auto gestapt en weggereden. Die man die de kopstoot had gegeven zat in de auto die wegreed. De man die de kopstoot had gegeven had donker kort haar en grote bakkebaarden en droeg een Capribroek en bouwkisten die onder het cement zaten."
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/a09aefc86c6d3df4570588f1374463eb63fb96213afda07d87625810c5383628. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt a09aefc86c6d3df4570588f1374463eb63fb96213afda07d87625810c5383628, en de alinea staat in dat document op bytes 10009 tot 10686.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/a09aefc86c6d3df4570588f1374463eb63fb96213afda07d87625810c5383628 | shasum -a 256