Citaat | Hoge Raad 20 december 2011
Alinea 20 Hoge Raad 20 december 2011
Een alinea uit Hoge Raad 20 december 2011, ECLI:NL:HR:2011:BP4387.
3.3.4. Bij de beantwoording van de vraag tot welk tijdstip een vordering als waarvan in deze zaak sprake is, kan worden ingetrokken ligt het in de rede aan te sluiten bij de wel in de wet geregelde intrekking van de dagvaarding (art. 266 Sv). Blijkens de hiervoor onder 3.3.2 geschetste procedure is de behandeling van de vordering immers gevoegd in de, met een dagvaarding aanhangig te maken, strafzaak ter zake van het voor het einde van de proeftijd begane strafbare feit. Het onderzoek en de beslissing van de rechter in eerste en tweede aanleg dienen zowel de in die dagvaarding vervatte tenlastelegging als de vordering te omvatten.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/df1beab3bd6491be861163858e75cdd1ce1f59892f9622d477628d83355b4be4. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt df1beab3bd6491be861163858e75cdd1ce1f59892f9622d477628d83355b4be4, en de alinea staat in dat document op bytes 9323 tot 9974.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/df1beab3bd6491be861163858e75cdd1ce1f59892f9622d477628d83355b4be4 | shasum -a 256