Citaat | Hoge Raad 5 april 2011

Alinea 120 Hoge Raad 5 april 2011

Een alinea uit Hoge Raad 5 april 2011, ECLI:NL:HR:2011:BP4391.

"Ik ben de eigenaar en zaakvoerder van [P] B.V. B.A., handel in groente en fruit te [plaats H] in België. [betrokkene 14] van [U] kwam bij ons bedrijf met twee andere mannen. Eén van de mannen was een Turk, de andere weet ik niet meer. Ze kwamen vragen of ik verse sla kon leveren. De prijs was geen probleem. Ze beloofden binnen de week te betalen. De sla werd afgehaald bij de veiling en ik denk ook wel bij ons bedrijf. Een Nederlands vervoersbedrijf vervoerde de sla.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/2ec6bfb600ea49bcd9a350e9567105ef88f22bc8a25ce00d18c9b792506208b8. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 2ec6bfb600ea49bcd9a350e9567105ef88f22bc8a25ce00d18c9b792506208b8, en de alinea staat in dat document op bytes 26011 tot 26497.