Citaat | Hoge Raad 5 april 2011
Alinea 194 Hoge Raad 5 april 2011
Een alinea uit Hoge Raad 5 april 2011, ECLI:NL:HR:2011:BP4391.
3.2. Het Hof heeft blijkens de inhoud van de gebezigde bewijsmiddelen vastgesteld dat de verdachte in de periode van 1 maart 1999 tot en met 1 juni 1999 zeven bestellingen heeft geplaatst bij [F], dat deze bestellingen niet door de verdachte zijn betaald en dat [F] daardoor voor een totaalbedrag van € 77.871, 42 is benadeeld. Tegen die achtergrond is zonder nadere motivering, die ontbreekt, niet begrijpelijk 's Hofs oordeel dat de verdachte zich in of omstreeks de periode van 1 augustus 1998 tot en met 14 april 1999 aan - kort gezegd - het maken van een beroep of gewoonte van flessentrekkerij heeft schuldig gemaakt door onder meer bij [F] goederen ter waarde van € 77.871, 42 te bestellen en deze niet te betalen. Uit de gebezigde bewijsmiddelen kan immers niet worden afgeleid dat alle door de verdachte bij [F] bestelde goederen in de bewezenverklaarde periode van in of omstreeks
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/2ec6bfb600ea49bcd9a350e9567105ef88f22bc8a25ce00d18c9b792506208b8. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 2ec6bfb600ea49bcd9a350e9567105ef88f22bc8a25ce00d18c9b792506208b8, en de alinea staat in dat document op bytes 40857 tot 41765.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/2ec6bfb600ea49bcd9a350e9567105ef88f22bc8a25ce00d18c9b792506208b8 | shasum -a 256