Citaat | Hoge Raad 5 april 2011

Alinea 32 Hoge Raad 5 april 2011

Een alinea uit Hoge Raad 5 april 2011, ECLI:NL:HR:2011:BP4647.

[Slachtoffer 1] heeft in 1987 tegen mij gezegd dat zij [verdachte] zou verlaten indien zij er achter zou komen dat hij weer ging gokken. [Slachtoffer 1] vreesde de gokwereld. Zij was na het voorval met de ouders van [verdachte] erg bang geworden.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/bb21f644e03b85ac18704f18e258828bc171a0982ca48aab4b3205340c0eebe5. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt bb21f644e03b85ac18704f18e258828bc171a0982ca48aab4b3205340c0eebe5, en de alinea staat in dat document op bytes 10883 tot 11142.