Citaat | Hoge Raad 12 juli 2011

Alinea 108 Hoge Raad 12 juli 2011

Een alinea uit Hoge Raad 12 juli 2011, ECLI:NL:HR:2011:BP4650.

Aan [verdachte] is op 9 januari 2006 een aan een medewerker van de Nationale Recherche gerichte enveloppe meegegeven met het verzoek deze af te geven in Driebergen. In deze enveloppe bevond zich een - deels gefingeerd - proces-verbaal met informatie omtrent een op 12 januari 2006 plaats te vinden ontmoeting tussen personen in het criminele milieu. [Verdachte] heeft vervolgens, onderweg naar Driebergen, op een parkeerplaats langs de autoweg, de enveloppe geopend, het proces-verbaal met behulp van een dubbelgevouwen papiertje vastgepakt en uit de enveloppe gehaald, aantekeningen gemaakt op een briefje en dat briefje in een soort hoesje gestopt.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/4b9b2ceed8c15601a4469990742e095701984a889db1c9a02968a9c4ba21c07f. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 4b9b2ceed8c15601a4469990742e095701984a889db1c9a02968a9c4ba21c07f, en de alinea staat in dat document op bytes 34508 tot 35171.