Citaat | Hoge Raad 12 juli 2011

Alinea 113 Hoge Raad 12 juli 2011

Een alinea uit Hoge Raad 12 juli 2011, ECLI:NL:HR:2011:BP4650.

[Verdachte] was, op grond van zijn beroepshalve betrokkenheid bij het onderzoek in de zaak Acroniem op de hoogte van datum en tijdstip van geplande doorzoekingen bij de Hells Angels. Deze doorzoekingen zouden in de vroege ochtend van 17 oktober 2005 plaatsvinden. In de middag van 16 oktober 2005 is [medeverdachte] in de buurt van de woning van [verdachte] in Purmerend geweest. In het verlengde van hetgeen hiervoor is overwogen omtrent het veelvuldig bellen door de verdachte naar de advocaat overweegt het hof dat hetzelfde oordeel geldt voor twee andere, door de advocaat-generaal in dit bestek naar voren gebrachte aspecten, te weten het feit dat de verdachte, kort na zijn hiervoor bedoelde aanwezigheid in Purmerend telefonisch contact heeft gezocht met de advocaat mr. Meijering, en dat de laatstgenoemde de avond na de doorzoekingen in een televisieprogramma heeft verteld dat hij niet verbaasd was, en dat er "...politiemensen zijn die via via wel eens wat laten lopen; er loopt een onderzoek...".

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/4b9b2ceed8c15601a4469990742e095701984a889db1c9a02968a9c4ba21c07f. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 4b9b2ceed8c15601a4469990742e095701984a889db1c9a02968a9c4ba21c07f, en de alinea staat in dat document op bytes 37548 tot 38569.