Citaat | Hoge Raad 12 juli 2011
Alinea 129 Hoge Raad 12 juli 2011
Een alinea uit Hoge Raad 12 juli 2011, ECLI:NL:HR:2011:BP4650.
Onder de regeling vallen niet die situaties waarin vertrouwelijke communicatie kan worden onderschept zonder gebruik van een technisch hulpmiddel. Wanneer deelnemers aan een gesprek in het openbaar zo praten dat zij door anderen zijn te verstaan, kunnen zij weten dat zij kunnen worden afgeluisterd. Indien dit gebeurt, is er geen sprake van privacyschending. Wanneer een opsporingsambtenaar kennis kan nemen van een gesprek, omdat hij in een café zit, naast het tafeltje van de personen die het gesprek voeren, dan heeft hij hiervoor geen bevel van de officier van justitie nodig."
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/4b9b2ceed8c15601a4469990742e095701984a889db1c9a02968a9c4ba21c07f. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 4b9b2ceed8c15601a4469990742e095701984a889db1c9a02968a9c4ba21c07f, en de alinea staat in dat document op bytes 43415 tot 44011.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/4b9b2ceed8c15601a4469990742e095701984a889db1c9a02968a9c4ba21c07f | shasum -a 256