Citaat | Hoge Raad 15 april 2011
Alinea 29 Hoge Raad 15 april 2011
Een alinea uit Hoge Raad 15 april 2011, ECLI:NL:HR:2011:BP4963.
3.3 [Verzoeker] c.s. bestrijden in cassatie de beslissing van de rechtbank in middel I op de grond dat de rechtbank heeft nagelaten hen te horen althans hen daartoe behoorlijk op te roepen alvorens te beslissen en aldus het beginsel van hoor en wederhoor heeft geschonden. Voorts betogen [verzoeker] c.s. in middel II dat de rechtbank ten onrechte niet als maatstaf heeft toegepast of de betrokken betalingen zijn aan te merken als baten van de boedel die ten tijde van de vereffening niet bekend waren in de zin van art. 194 F., althans dat de rechtbank heeft miskend dat het enkele feit dat betalingen ter zake van teruggaven inkomstenbelasting betrekking hebben op fiscale jaren tijdens welke de schuldsaneringsregeling op hen van toepassing was, nog niet meebrengt dat de betalingen zijn aan te merken als baten van de boedel en dat die baten bovendien ten tijde van de vereffening niet bekend waren.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/2874c87eefd02c9b704efb6d82240a14eed0c4637a88aa48cc46473769467e57. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 2874c87eefd02c9b704efb6d82240a14eed0c4637a88aa48cc46473769467e57, en de alinea staat in dat document op bytes 9771 tot 10689.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/2874c87eefd02c9b704efb6d82240a14eed0c4637a88aa48cc46473769467e57 | shasum -a 256