Citaat | Hoge Raad 25 februari 2011

Alinea 30 Hoge Raad 25 februari 2011

Een alinea uit Hoge Raad 25 februari 2011, ECLI:NL:HR:2011:BP5536.

3.3.8. Voor het opleggen van een definitieve aanslag geldt dat de inspecteur met zorgvuldigheid kennis moet nemen van de inhoud van de aangifte en, indien hij aan de juistheid van enig daarin opgenomen gegeven twijfelt, een nader onderzoek moet instellen. Op dit punt heeft de inspecteur daarom een meer omvattende taak dan bij het opleggen van een voorlopige aanslag overeenkomstig de door de belastingplichtige zelf verstrekte gegevens, die zonder verder onderzoek in een voorlopige aanslag kunnen worden betrokken. De van een inspecteur te verlangen zorgvuldigheid wijkt aldus af van hetgeen van hem verlangd wordt bij het opleggen van een voorlopige aanslag. Die zorgvuldigheid brengt ook mee dat hem bij de uitvoering van die taak een zekere vrijheid toekomt bij de inrichting van zijn werkzaamheden. De hiervoor onder 3.3.7 genoemde termijn van één jaar kan dan ook naar zijn aard slechts gelden als een streeftermijn.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/4c8f5aef9f640bf45a0996c38c0c62efdcc8e84099fdca4694d7ad8584d1ce9c. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 4c8f5aef9f640bf45a0996c38c0c62efdcc8e84099fdca4694d7ad8584d1ce9c, en de alinea staat in dat document op bytes 11648 tot 12588.