Citaat | Hoge Raad 31 mei 2011
Alinea 17 Hoge Raad 31 mei 2011
Een alinea uit Hoge Raad 31 mei 2011, ECLI:NL:HR:2011:BP6043.
Op grond van hetgeen is vermeld onder ii kan worden aangenomen dat is onderzocht of de verdachte een identiteitsbewijs bij zich had, dat daarbij niet is gebleken dat de verdachte zo'n bewijs bij zich had en dat, omdat niet was gebleken van een identiteitsbewijs, de auto van verdachte is meegenomen naar het politiebureau. Dit maakt de bewering van de verdachte ter terechtzitting in hoger beroep dat hij een paspoort in zijn borstzakje had en dat hij dit heeft laten zien of heeft willen laten zien aan de politie onaannemelijk. Het hof acht het niet noodzakelijk hierover de verbalisanten als getuige te horen, omdat de enkele bewering achteraf van de verdachte niet doet twijfelen aan de juistheid van het onder ii genoemde proces-verbaal. Het pas ter terechtzitting in hoger beroep gedane voorwaardelijk verzoek de verbalisanten als getuige te horen, wordt daarom afgewezen.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/07b6aee2a4aed7633ae243983424baa0838b69ae8862bb06f31af2067601a42f. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 07b6aee2a4aed7633ae243983424baa0838b69ae8862bb06f31af2067601a42f, en de alinea staat in dat document op bytes 7677 tot 8568.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/07b6aee2a4aed7633ae243983424baa0838b69ae8862bb06f31af2067601a42f | shasum -a 256