Citaat | Hoge Raad 31 mei 2011
Alinea 19 Hoge Raad 31 mei 2011
Een alinea uit Hoge Raad 31 mei 2011, ECLI:NL:HR:2011:BP6043.
Voor de stelling van de verdachte dat de politie toch wist wie hij was, geldt in de eerste plaats dat deze stelling geen steun vindt in het relaas van verbalisant [verbalisant 2], en in de tweede plaats dat de enkele omstandigheid dat een politieman een notie heeft van wie hij voor zich heeft niet met zich brengt dat - indien daartoe aanleiding is, bijvoorbeeld wegens het plegen van een misdrijf - de betrokkene zich niet zou hoeven te legitimeren of de politie naar diens identiteit geen onderzoek zou mogen doen.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/07b6aee2a4aed7633ae243983424baa0838b69ae8862bb06f31af2067601a42f. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 07b6aee2a4aed7633ae243983424baa0838b69ae8862bb06f31af2067601a42f, en de alinea staat in dat document op bytes 9304 tot 9834.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/07b6aee2a4aed7633ae243983424baa0838b69ae8862bb06f31af2067601a42f | shasum -a 256