Citaat | Hoge Raad 15 november 2011
Alinea 309 Hoge Raad 15 november 2011
Een alinea uit Hoge Raad 15 november 2011, ECLI:NL:HR:2011:BP7544.
Ik persisteer bij mijn verzoeken zoals die zijn verwoord in mijn heden overgelegde pleitnotitie d.d. 15 april 2008. Ik merk daarbij wel op dat ik niet naïef ben. Als de AIVD in het kader van de staatsveiligheid mensen in de gaten houdt, hoort u mij niet piepen. Op het moment dat er selectief bewijsmateriaal in het dossier wordt opgenomen en de AIVD directe bemoeienis heeft met de familie van één van de verdachten en zo de zaak gaat sturen, waardoor opsporing en vervolging verweven raken, wordt de zaak anders. De scheiding tussen de opsporing en de AIVD is niet zo strikt als wij altijd dachten, zoals ook blijkt uit de zaak tegen Paul H.. Het is noodzakelijk deze gang van zaken te onderzoeken, om de verdediging in de gelegenheid te stellen haar standpunten dienaangaande te onderbouwen."
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/e9756efa7e7eeb44e8353da8389bee07cdc1c6f53a7c5a11fcef709553ae0e0e. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt e9756efa7e7eeb44e8353da8389bee07cdc1c6f53a7c5a11fcef709553ae0e0e, en de alinea staat in dat document op bytes 74668 tot 75479.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/e9756efa7e7eeb44e8353da8389bee07cdc1c6f53a7c5a11fcef709553ae0e0e | shasum -a 256